Zoeken in deze blog

Posts tonen met het label ouderen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label ouderen. Alle posts tonen

maandag 19 november 2012

Voorlezen in het rusthuis


Voorlezen in het rusthuis, één van de top-bezigheden.
Dokters-romannetjes, heerlijk klef en lekker simpel, 
verhalen van vroeger, zalig wegdromen,
en vooral kort-verhalen als de aandacht niet-meer-je-dat-is, o zo spannend



Wat een leuke activiteit ! dat Voorlezen !
Hier zijn enkele plezante voorbeelden


Vroeger waren wij veel jonger : een jeugd in Vlaanderen
Gaston Durnez
Volwassenen non-fiction 

Vlaamse sprookjes
Geert van Istendael
Fictie 

Tien op tien en een kus van de juffrouw : de lagere school in Vlaanderen, vroeger en nu
Dani Van Gompel
Volwassenen non-fiction 

Vroeger waren wij veel jonger : een jeugd in Vlaanderen
Gaston Durnez 
Volwassenen non-fiction 

Meneer Doktoor : verhalen over leven en dood, lijf en lust 1937-1964
Peter Vandekerckhove 
Volwassenen non-fiction 

Madame est servie : leven in dienst van adel en burgerij 1900-1995
Diane De Keyzer
Volwassenen non-fiction   

De keuken van meesters en meiden : klassenverschillen aan tafel 1900-1960
Diane De Keyzer 
Volwassenen non-fiction  

Congo : de schoonste tijd van mijn leven : getuigenissen van oud-kolonialen in woord en beeld
Jan Raymaekers
Volwassenen non-fiction  

In de tijd dat de kindjes nog gekocht werden
Julien Van Remoortere
Volwassenen non-fiction 

In de tijd van de kleine patatten : Vlaanderen 1900-1945
Julien Van Remoortere
Volwassenen non-fiction 

In de tijd van meneer pastoor : toen de kerken nog vol zaten
Julien Van Remoortere
Volwassenen non-fiction 

Mijn moeder : gesprekken met moeders en hun bekende zonen en dochters
Phara De Aguirre (interviewer) 
Kaat Mensels 
Volwassenen non-fiction 

Maar jullie vinden er vast veel, veel, veel meer. Eéns bezig, is er geen ophouden aan !
groetjes van Clark Kent

zaterdag 13 oktober 2012

Wees niet bang om te sterven , Kijk hier waarom



This is someone dying while having an MRI scan. Before you die, your brain releases tons and tons of endorphins that make you feel a range of emotions. Tragically beautiful.

Coach Clark Kent

zondag 5 augustus 2012

Keeping Busy.... bezig houden/ bezig blijven

Keeping Busy,

(Week 33) bezig houden/ bezig blijven

Project Dementievriendelijk Rusthuis vraagt van mijn medewerkers inderdaad dat ze bezig zijn en bezig blijven met het omgaan met mensen met dementie ..en ze zijn er mee bezig ! Sommigen lezen misschien voor het eerst élke week iets i.v.m. hun (goede) 'werk'. Het valt op dat er meer en meer doorgegeven wordt over de gevoelens van mensen (ook mensen zonder dementie) en i.p.v. het ouderwetse woord 'demente(n)' wordt vaker 'iemand met dementie' gezegd. Mooi zo.

Ook in de praktijk-fase van het project is het lezen spijtig genoeg niet weg te denken; maar het wordt wel meer toepasbaar in het dagelijkse werk !

Er is goed nieuws en er is slecht nieuws.

Het slechte nieuws is dat tot op dit moment er geen magische kuur is voor dementie. Effectieve behandelingen zijn gedragsmatig, niet farmaceutisch (er zijn geen pillen voor eenmaal de tekenen er zijn, hooguit houden we het proces wat tegen).
Die gedragsmatige aanpak is tijdrovend en onzeker (inexact) - soms werkt het, soms niet. Het vraagt voortdurende creativiteit, vindingrijk zijn, onuitputtelijk geduld, aandachtigheid, en energie.

Het goede nieuws is dat hetgeen dat werkt, meestal wel werkt. Geen twee mensen zijn gelijk ..en geen twee mensen met dementie zijn gelijk, nogal wiedes. En toch, de basisaanpak blijkt steeds te werken; er is een houvast. Er is een goed boek (spijtig genoeg enkel in het Engels)

De basics werken. 
Aanpassen tijdens de fasen van dementie zal nodig zijn want de persoon met dementie verliest vaardigheden, we gaan geen wonderen verrichten maar:
de mens prettig bezig houden zo goed en zo kwaad als dat kan.
Uitgeverij Johns Hopkins/  The Jonhns Hopkins University Press/ ISBN 0-8018-5059-2

Hoofdstuk 1 BASISBEGRIPPEN Activiteit/ Werk/ Beheersen van gedrag/ Keuze/ Algemene aanpak/ Oriëntatie/ Routine/ Groep 
Hoofdstuk 2 HUMOR
Hoofdstuk 3 WOORDEN & WOORDSPELLETJES
Hoofdstuk 4 TAFEL- & SOCIALE ACTIVITEITEN
Hoofdstuk 5 OEFENEN
Hoofdstuk 6 MUZIEK
Hoofdstuk 7 KUNST
Hoofdstuk 8 TELEVISIE & FILMS
Hoofdstuk 9 KOKEN
Hoofdstuk 10 TUIN
Hoofdstuk 11 HUISDIER
Hoofdstuk 12 SPIRITUALITEIT



Dit wordt de leidraad voor de rest van het project. Laat uw fantasie alvast werken..


Voor deze week 33 houden we ons nog niet bezig met activiteiten uit het boek, maar doen werken we aan huiselijkheid. De aparte tafeltjes gaan we proberen te vervangen door één à twee lange tafels met een leuke toile ciree (gezellig en knoeiproof plastieken tafelkleed uit grootmoeders tijd). We hebben de tafeltjes al nekele weken tegen mekaar gezet en dat werkte écht goed. Gezamenlijk aan tafel zitten ging beter dan verhoopt. 



Ook gaan we deze week trachten een leuk tafelspel te doen met de 'voelzak', maar daarover later meer.


Huiselijke groeten van 
Clark Kent









maandag 23 juli 2012

coach Clark Kent steekt therapeutische pop in de Miele wasmachine



Filmpje om te gieren. Volgens mijn kids ga ik naar de hel voor dit.

De Zweedse Britt-Marie Egedius Jakobsson is de ontwerpster van deze bijzondere poppen. Zij heeft een achtergrond als lerares en gezinstherapeut.
Joyk poppen uit Zweden zijn wereldwijd bekend om het verzorgingsinstinct uit te lokken.

Aangezien de therapeutische poppen door mensen met dementie al eens aanzien worden als echte kinderen krijgen ze ook wel eens écht eten en drinken, geraken ze onder de vlekken ..en stinken.
Ik steek ze niet graag in de industriële wasautomaten op het werk dus maken ze wel eens een ritje mee naar huis en gaan ze apart in bad..

Ze overleven dat elke keer goed.
Mijn kinderen vinden ze 'eng' , maar dat hoor ik ouderen nooit zeggen. Blijkbaar is er over dit therapeutisch gerief nagedacht. Clark vindt hun navel schattig.
Nellie
Emilie









Propere groetjes van Clark Kent
en bij

Productbeschrijving

Joyk poppen zijn poppen waar je van gaat houden. Ze hebben een menselijk aspect. De kracht van de poppen is dat alle sensorische kanalen worden aangesproken.
De tactiele informatie door de zachte huid en haar. Het oogcontact omdat iedere Joyk pop je altijd aankijkt, of het nu direct van voren is of als je haar in de armen neemt.

Deze unieke poppen staan voor comfort, veiligheid en vriendschap en zijn betekenisvol voor zowel kinderen als volwassenen. “Empathy Dolls” worden voornamelijk gebruikt op scholen, in ziekenhuizen en in woon- en zorg centra
m.b.t. het inlevingsvermogen van zowel jongere als oudere mensen (denk hierbij o.a. aan autisme en dementie).
De knuffelpoppen hebben een hoge aaibaarheidsfactor. Ze zijn gemaakt uit zachte en aangenaam aanvoelende materialen. Ze hebben behoorlijk wat gewicht waardoor ze stevig aanvoelen. Er is bijzonder veel aandacht gegeven aan bepaalde details, zo zijn de handen en vingertjes bijzonder natuurlijk gemaakt. Als je de pop op je linkerarm houdt,
zoals de meeste mensen dit vanzelfsprekend met een baby doen, dan kijkt de pop je aan. Dit contact roept het gevoel op om voor de pop te willen zorgen. De poppen zijn ook makkelijk aan- en uitkleden.

Deze knuffelpop is 38 cm. lang.
Ze zijn speciaal verzwaard aan de onderzijde om een natuurlijk effect te bekomen. Hierdoor blijven ze ook goed zitten.



Snel overzicht

Knuffelpoppen met een hoge aaibaarheidsfactor

Onze grootste, meest innemende pop, Vera.

zaterdag 14 juli 2012

Ouderen aanspreken. Tutoyeren en moderne manieren in het rusthuis. Betuttelen en infantiliseren horen er niet bij !

Ik begin mijn blog met een stuk uit de blog van Beatrijs Ritsema, haar blog heet 'Moderne Manieren' 'Hebt u een vraag over het (in)correct gedrag van uzelf of anderen? Beatrijs weet raad!' ..12 jaar aan colums in het dagblad Trouw en op http://www.beatrijs.com

Omdat de professioneel u-zegger ons dilemma zo mooi onder woorden brengt mag zij openen met :

Beste Beatrijs,
Ik ben werkzaam als verpleegkundige op een polikliniek. Ik roep patiënten binnen die in de wachtkamer zitten, dan verzoek ik mevrouw Smit of de heer Jansen of hoe ze ook heten om ergens plaats te nemen. Kleine kinderen noem ik bij hun voornaam. Het probleem zit hem bij mensen tussen de pakweg 14 en 20 jaar. Het klinkt heel vreemd om tegen een jongen of meisje van 16 mevrouw of meneer Smit te zeggen. Soms staat er een voornaam op het patientenplaatje, maar dan lijkt het net of ik een bekende van ze ben. Als je ze bij de voornaam noemt voelen ze zich een klein kind, maar van ‘mevrouw’ of ‘meneer’ krijgen ze een rolberoerte. Ik heb zelf de leeftijd van hun ouders.
Ik spreek trouwens alle patiënten van boven de 20 aan met u. Buiten mijn werk zeg ik meestal je en jij tegen zowel jongeren als ouderen. Het gebruik van ‘u’ ervaar ik als te afstandelijk en een beetje onvriendelijk. Ik voel ook een beetje schaamte als men mij met ‘u’ aanspreekt.
Professioneel u-zegger

Beste U-zegger,
In vroeger tijden gebruikten mensen in dit soort situaties ‘mejuffrouw Smit’ of ‘jongeheer Jansen’. Deze aanspreektitels zijn in onbruik geraakt. Alle juffrouwen zijn mevrouw en alle jongeheren zijn meneer geworden. In uw geval lijkt me het een oplossing om zowel voor- als achternaam te noemen, als u een (tiener)patiënt binnenroept. Geen enkele tiener zal er bezwaar tegen hebben om als ‘Carla Smit’ of ‘Theo Jansen’ te worden opgeroepen. Ook voor kleinere kinderen raad ik u trouwens aan om zowel voor- als achternaam te gebruiken, omdat de kleintjes een vader of moeder bij zich hebben en volwassenen geconditioneerd zijn op achternamen. Als er geen voornaam op het patiëntenplaatje staat, dan ontkomt u niet aan ‘de heer Jansen’ of ‘mevrouw Smit’.
Het alternatief zou zijn om alleen de achternaam te gebruiken en dat klinkt bruusk en onprettig.
Wat het tutoyeren in het algemeen betreft: u schrijft dat u meestal zowel jongeren als ouderen tutoyeert, omdat u ‘u’ een beetje onvriendelijk vindt. Ook voelt u schaamte wanneer anderen ‘u’ zeggen. Mensen van ongeveer dezelfde leeftijd of jonger kunt u wel tutoyeren. Heel veel mensen doen dat. Toch zou ik u afraden om ouderen vanzelfsprekend te tutoyeren. Veel ouderen vinden dat te intiem of te opdringerig. Het verschil tussen ‘u’ en ‘jij’ was vroeger gebaseerd op verschillen in status en macht. Tegenwoordig duidt het op een verschil in intimiteit. Dichtbije mensen hebben een voornaam en zijn ‘jij’. Onbekenden hebben hoogstens een achternaam en zijn ‘u’.
Als mensen ‘u’ tegen u zeggen, zoals ik nu doe, hoeft u zich daarvoor niet te schamen. Het geeft inderdaad een zekere afstandelijkheid aan, maar de meeste korte contacten tussen onbekenden (in winkels, in het openbaar vervoer, aan de telefoon, voor een loket) zijn nu eenmaal zakelijk en formeel. U ervaart afstandelijkheid bij het ‘u’ zeggen en dat is ook precies de bedoeling. Die afstand hoeft trouwens in het geheel niet onvriendelijk te zijn. Korte contacten tussen mensen die elkaar met ‘u’ aanspreken kunnen bijzonder prettig verlopen.


Vandaag blog ik over het aanspreken van onze bewoners. Hoe doe je dat correct ?
Ik beweer dat met de voornaam het meest persoonlijk is, en zorg is heel persoonlijk nietwaar.


Uw coach las voor u vele artikels en meningen over hoe mensen elkaar 'horen' aan te spreken, en de meningen zijn verdeeld/ wat had je gedacht. Toch is er voor de ouderenzorg een lijn te vinden :
Wat de ouderenzorg betreft springt er toch wel uit dat je ouderen 

  • niet betuttelt, niet kinderachtig toespreekt, 
  • geen koos- of bijnaampjes gebruiken (zelfs mee oppassen als de bewoner vraagt om bolleke genoemd te worden/ of 'gekend' is als dotje)
  • niet aanspreekt met 'we' (Hugette: 'WE gaan ons wassen/ zot! WE gaan ons helemaal niet samen wassen!' hoorde ik haar antwoorden. LOL) 
  • en dat je hen in een woonsetting niet te lang meneer en mevrouw noemt omdat dit vaak te afstandelijk is ('Ken je me na al die tijd nog niet !').
Let op. Ouderen gaan met hun tijd mee en hebben moderne manieren. Ze leerden misschien ooit met een griffel schrijven, maar gebruiken nu vlot de computer en de tablet. O.k. niet allemaal, doch in de goede zeden gaan ze heus wel mee met hun tijd. 





















Dat is één kant van de zaak. Aan de andere kant moet jij als hulpverlener

  • hun persoonlijke voorkeur leren kennen
  • moet jij jouw persoonlijke voorkeur leren kennen (en die leren beteugelen, of juist wat los leren komen)
  • roepnaam is o.k. (Vele Maria 's noemen zich Martha, Gert, Wiske, Koos, Lien/ en veel Jozefs noemen zich Charel, Jan, Jef, Henk). Leer 
De omgeving en cultuur spelen ook een rol. Weet waar je bent, en hoe de mensen daar met elkaar omgaan.

Tutoyeren (Frans tutoyer van tu = jij en toi = jou) is iemand aanspreken met je of jij. Men gebruikt dus géén u. Dit gaat over het algemeen gepaard met het aanspreken met de voornaam.
Het tegenovergestelde wordt wel vousvoyeren genoemd (in het Frans vouvoyer zonder s).
Het Nederlands kent ook de woorden jijen en jouen die samen dezelfde betekenis hebben. Een Nederlands purisme voor tutoyeren is jijjouwen.
Tutoyeren geldt als onbeleefd, afhankelijk van de relatie en leeftijd van de sprekers. In het Nederlands is het thans normaal tussen mensen die elkaar kennen en tegen jongeren. Volgens de etiquette wordt eenieder geacht om een ander met u aan te spreken, totdat één van beiden het initiatief neemt aan te geven dat het niet langer noodzakelijk is aangesproken te worden met u en/of met mijnheer of mevrouw. Volgens de etiquette is het de oudere, of hogere in rang die daartoe het initiatief neemt. Bij bezoek is het de gastheer/gastvrouw, of alleszins degene die het initiatief voor het gesprek heeft genomen. In de praktijk wordt er echter spontaan getutoyeerd als men vindt dat men de ander goed genoeg kent.
Gelukkig leven wij in Vlaanderen en daar is 'ge' en 'gij' zowel beleefdheidsvorm als vertrouwelijk, lekker makkelijk !
Alleen met het gebruik van de voornaam of meneer zitten wij wat in de knoop.

In Vlaanderen en Zuid-Nederland is in de omgangstaal de oude vorm gij (ge), waarvan u de objectsvorm is, nog algemeen gebruikelijk, zowel in een vertrouwelijk als in een formeel register (hoewel voor dat laatste ook vaak "u" wordt gebruikt). In het onderwijs worden alleen de vormen "jij" en "je" aangeleerd, maar onder invloed van het dialect en de Vlaamse tussentaal blijft "gij"/"ge" dominant in de spreektaal.

In de meeste woonzorgcentra wordt er - zeker na een korte tijd - spontaan overgeschakeld op de voornaam. Je mag er van uit gaan dat je dat - zonder te familiar te worden - best kunt proberen. 
En mocht iemand er op staan om meneer of mevrouw genoemd te worden, neem het dan voor lief.


Alvast hebben wij in ons WZC afgesproken de 150 bewoners beter te leren kennen, en niet gemakkelijkheidshalve meneer en mevrouw of u te zeggen. Daarvoor vergaderen we ook met het kamernummer + familienaam + voornaam want het dagelijkse 'namen noemen' help ons geheugen. 


Met 150 bewoners zitten we ook op de natuurlijke limiet van 'aantal kennissen' die een mens zou onthouden. Ik zou het niet weten want zelf ben ik oerslecht in namen onthouden ..een kleine ramp soms want iemands voornaam kennen is hem eer aan doen. 


Mensen met dementie met hun voornaam aanspreken is trouwens ook veilig omdat je nooit echt weet hoe oud ze in hun beleving zijn. Ann zou het raar vinden om mevrouw Hoog genoemd te worden want ze denkt dat ze twintig is. Mevrouw Hoog is haar moeder. 

BETUTTELEN EN INFANTILISEREN= MISHANDELEN

Gerontopsycholoog Luc Van De Ven:

"Als je een oudere flauw of betuttelend
 benadert, dan begraaf je hem"
Gerontopsycholoog Luc Van De Ven  gaf het al aan: zorgverleners die ouderen infantiliseren is oudermishandeling. Als je een oudere flauw of betuttelend benadert, dan begraaf je hem. Wanneer je ouderen in de echte betekenis van het woord als bewoners beschouwt, dan behandel je ze niet als kleine kinderen. Op geen enkel vlak en op geen enkele manier.


7,5 JAAR VROEGER DOOD als gevolg van
KINDERLIJKE BEHANDELING?


Bejaarden sterven eerder door
kinderlijke behandeling
bron: Nederlandse VU medisch centrum in Amsterdam + dagblad Het Laatste Nieuws - 8/10/2008
 
Tegen ouderen spreken alsof ze kinderen zijn, kan een schadelijk effect hebben op hun gezondheid. Het kan er zelfs voor zorgen dat ze 7,5 jaar vroeger sterven dan senioren die niet kinderlijk behandeld worden, blijkt uit Amerikaans onderzoek.
ergernissenHet onderzoek bestudeerde 660 mensen ouder dan 50 jaar. Daaruit bleek dat eenkinderlijke behandeling bij ouderen stress kan veroorzaken en zo hun gezondheid negatief beïnvloedt. Het zijn voornamelijk de mensen in de gezondheidszorg die het meeste kwaad aanrichten, hoewel zij eigenlijk enkel aardig proberen te zijn. Veel oudere patiënten ergeren zich ook aan dokters die eerder de kinderen dan de senioren zelf aanspreken. Daarnaast worden ze ook kwaad wanneer mensen er van uitgaan dat ze niets kennen van computers, gsm's en andere moderne gadgets.onbekwaamDoor kinderlijk tegen ouderen te praten, geef je de patiënt de indruk dat hij onbekwaam is en komt hij zo in een negatieve spiraal terecht. Professor Becca Levy zegt: "Deze kleine beledigingen kunnen leiden tot een negatief beeld van ouder worden. Senioren die hier negatief over denken, hebben een slechtere gezondheid en sterven 7,5 jaar eerder dan positieve senioren. De manier waarop je een oudere behandelt, heeft dus een groter effect op hun gezondheid dan regelmatig bewegen of niet roken."dementieVoor mensen met lichte tot gematigde dementie, waren de effecten van kinderlijk spreken nog alarmerender. Patiënten werden agressief en wilden niet meewerken, de ergste gevallen begonnen zelfs te roepen. Professor Williams zegt dat ouderen met dementie even erg afzien van een kinderlijke behandeling: "Het belangrijkste voor een patiënt met Alzheimer is om zijn waardigheidsgevoel te behoudenIemand die tegen je praat alsof je een baby bent, maakt je van erg streek." (ep)

DEPRESSIE ALS GEVOLG VAN BETUTTELING



Betuttelen meer ongezond
dan roken of niet bewegen
bron: Sunday Times + dagblad Het Laatste Nieuws - 12/10/2008

De betuttelende, vaak neerbuigende manier waarop oudere mensen vaak worden aangesproken in bejaardentehuizen of ziekenhuizen is niet alleen beledigend, zo meldt de Sunday Times, het is zelfs slecht voor hun fysieke en psychische gezondheid.
"En, hoe voelen wij ons vandaag? " of "Hebben we ons bord helemaal leeggegeten". Het zijn zinnen die verplegers of verzorgers heel vaak in de mond nemen, en ongetwijfeld met de beste bedoelingen. Maaroudere mensen aanspreken alsof het kleuters zijn, vaak ook heel luid en met-de-na-druk-op-el-ke-let-ter-greep, mag dan tot doel hebben om beter te communiceren, in feite veroorzaakt het bij veel "slachtoffers"depressies omdat die daardoor de indruk krijgen dat ze incompetent of niet meer helemaal bij hun verstand zijn.
rebelsDaarenboven, zo blijkt uit onderzoek aan de Amerikaase universiteit van Kansas, worden oudere patiënten die kampen met dementie, door die manier van aanspreken vaak rebels, en willen ze hun medicatie niet meer nemen, hoe nodig die ook is.
behandeld als een snotneusOok mensen die nog in goede geestelijke gezondheid verkeren, krijgen problemen wanneer ze voortdurend worden benaderd als een klein kind. Een woordvoerder van een Britse organisatie van bejaarden wijst erop dat "als je je hele leven een gerespecteerd lid bent geweest van de gemeenschap en je, na in een home of ziekenhuis te zijn beland, als een snotneus wordt behandeld alleen omdat je grijs haar en rimpels hebt, kan dat het zelfbeeld en het zelfrespect van die mensen zwaar ondermijnen". (belga/jv)


Hier gaat uw coach het bij laten vandaag,
Clark Kent
of Super voor de vrienden

zondag 17 juni 2012

Meneer Doktoor, vragen over dementie en mensen met dementie

Er zitten nog héél wat blogs in mijn hoofd, en met een specifiek idee loop ik al weken rond.

In de lijn van steeds iets nieuws te doen, om het boeiend te houden, ga ik huisartsen bevragen over dementie.
Vandaag vraag ik via deze weg ook Uw hulp hierbij !
U kunt me ook vragen doorgeven !, en ik stel ze dan.

Vragen die ik al heb zijn: 

Wat is de rol van de huisarts bij het vaststellen van dementie?, 


en vooral hoe gaat een huisarts om met mensen die met dementie te maken krijgen? 


(Hoe) Vangen zij cliënten en hun omgeving op?  


Weten huisartsen zelf genoeg over dementie?, 


Werd er in hun opleiding tijd aan besteed (hoeveel?, genoeg?),


 en waren ze voorbereid op de confrontatie met achterdocht/ angst/ boosheid/ machteloosheidsgevoelens van hun cliënten met dementie?, 


Wat is hun bagage over psychologie? 


Leren ze methodes aan om met mensen met dementie om te gaan? ..en geven ze tips? (welke?).

Ook vragen naar hun persoonlijke belevingen (mogelijk verhalen) rond dementie, 


of ze vinden dat de maatschappij goed genoeg om gaat met mensen met dementie?

Zien zij al die voorspelde toename van dementie? Zijn zij er klaar voor? 


Wensen zij nog info over dementie?

Het zijn enkele voorbeelden van vragen die ik binnenkort aan onze huisartsen voorleg. Twee van hen willen hier al graag aan meewerken. Ik vraag het onze rusthuisartsen, maar ook mijn eigen huisarts en enkele artsen in de buurt ('t Stad). 

De interviews en het verwerken van de interviews zal wat tijd in beslag nemen, maar binnenkort hoop ik toch al een blog te hebben.
Vandaag doe ik een oproep aan alle lezers om me in reactie 'vragen' te geven die ik aan de heren doktoors kan stellen. U en ik samen komen vast op originele vragen die iedereen boeien, waar we het fijne van willen weten.

Mijn inspiratie is niet het boek Meneer Doktoor, want mijn vragen zullen niet gaan over het verleden, vragen zullen eerder gaan over de huidige situatie en de toekomst. Een interview lezen in het dementiecafé was de trigger. 

Wat mogen we van een huisarts verwachten?, en Wat staat ons te wachten qua dementie? zijn de invalshoeken.

Het doet me wel aan het mooie boek denken dus geef ik het tot slot nog mee:
Peter Vandekerckhove interviewde meer dan 60 oude Vlaamse dokters. De jongste was 72, de oudste 96 jaar. Terloops wordt ook de evolutie in de geneeskunde geschetst. Toch gaat het vooral om prachtige verhalen over het dagelijks leven van uw ouders en grootouders en over vragen die de mensen alleen in de vertrouwde beslotenheid van het kabinet aan hun huisdokter durfden te stellen. 
ISBN-nummer: 
 9789054669272


Onze huisartsen staan in de eerste lijn, krijgen de eerste tekenen te zien bij hun vertrouwde patiënten, en krijgen te maken met de eerste opvang. Wie zijn ze? Wat maken zij mee? Wat doen ze? Wat beweegt hen? 


Ik leer veel uit mijn dagelijkse contacten als diensthoofd met huisartsen. Zij staan midden in het dagelijkse leven, en zien de mensen thuis!


Bedankt voor uw vragen, ik kijk er naar uit.


Groetjes van  coach Clark Kent